Turbo's

De koper van een Turbo leent, tegen betaling van een premie, het grootste deel van zijn belegging. Hierdoor ontstaat een hefboom: er kunnen hogere winsten worden geboekt, maar ook grotere verliezen worden geleden. Om de risico's te beperken kent de Turbo een zogenaamde Stop-loss. De Stop-loss is een afgesproken koers waarop de speler wordt verplicht zijn schuld in te lossen en de Turbo te beeindigen. De Stop-loss wordt zodanig vastgesteld dat de uitlener altijd het geleende bedrag terugontvangt en dat de speler nooit meer kan verliezen dan zijn eigen inleg.

Er zijn twee soorten Turbo: De Turbo Long en de Turbo Short.

Met de Turbo Long wordt gespeculeerd op een koersstijging. De speler leent geld om te beleggen; stijgt de koers van de beleggingen, dan verkoopt hij, lost hiermee zijn schuld af en heeft het koersverschil, (minus de premie), verdiend.

Met een Turbo Short speculeert de speler op een koersdaling. Hij leent beleggingen die direkt worden verkocht; daalt de koers van de beleggingen dan koopt hij ze terug, lost hiermee zijn schuld af en heeft het koersverschil, (minus de premie), verdiend.

Voorbeeld Turbo Long

Een speler koopt voor 10 euro aandelen. Hij legt zelf 2 euro in en 8 euro leent hij tegen een premie van 0,50 euro. De Stop-loss wordt bepaald op 9 euro.

  1. Als na verloop van tijd de koers van de aandelen is gestegen naar 12 euro, dan besluit de speler te verkopen. Hij betaalt de geleende 8 euro terug en zijn winst op 2 euro ingelegd eigen vermogen bedraagt nu: 2 euro (koerswinst) min 0,50 euro (premie) = 1,50 euro.
  2. Als na verloop van tijd de koers van de aandelen is gedaald naar 9 euro, dan treedt de Stop-loss in werking: de speler wordt verplicht de aandelen voor 9 euro te verkopen en zijn schuld van 8 euro in te lossen. Zijn verlies op 2 euro ingelegd eigen vermogen bedraagt nu: 1 euro (koersverlies) plus 0,50 euro (premie) = 1,50 euro.

Voorbeeld Turbo Short

Een speler leent voor 10 euro aandelen. Hij legt zelf 2 euro in en 8 euro leent hij tegen een premie van 0,50 cent. De Stop-loss wordt bepaald op 11 euro. De geleende aandelen worden direkt verkocht voor 10 euro.

  1. Als na verloop van tijd de koers van de aandelen is gedaald naar 8 euro, dan besluit de speler ze te kopen. Hij geeft de geleende aandelen terug en zijn winst op 2 euro ingelegd eigen vermogen bedraagt nu: 2 euro (koerswinst) min 0,50 euro (premie) = 1,50 euro.
  2. Als na verloop van tijd de koers van de aandelen stijgt naar 11 euro, dan treedt de Stop-loss in werking: de speler wordt verplicht de aandelen voor 11 euro te kopen en hiermee zijn schuld in te lossen. Zijn verlies op 2 euro ingelegd eigen vermogen bedraagt nu: 1 euro (koersverlies) plus 0,50 euro (premie) = 1,50 euro.


Terug naar homepagina